De martingale omgekeerd: je verdubbelt na winst, niet na verlies, en casht na drie treffers op rij. Een mislukte cyclus kost altijd precies één eenheid.
Zet één eenheid in op een enkelvoudige kans. Na winst laat je alles staan en verdubbel je: 1, dan 2, dan 4. Na drie treffers op rij cash je je 7 eenheden winst en ga je terug naar één. Na elk verlies ga je terug naar één eenheid.
Wanneer je ook verliest, de cyclus kost precies één eenheid, want de verloren inzet wordt betaald met de eerdere winsten. Drie keer rood op rij valt in 11,5% van de gevallen op een Europees wiel.
Wat de tester laat zien
De Paroli maakt bijna nooit een budget leeg: de verliezen zijn één eenheid per cyclus. Daar staat tegenover dat minder sessies met winst eindigen dan met de martingale. Het is een strategie om lang te spelen met weinig op het spel.
Test hem in 2000 sessies
Vaste inzet: 14 eenheden op passe, 5 op de sixain 13-18, 1 op nul.
–
van de sessies eindigt met winst
–
van de sessies eindigt zonder saldo
–
mediane sessie
–
slechtste sessie
–
beste sessie
–
van de sessies raakt de maximale inzet
Eén sessie, ronde na ronde
Elke sessie gebruikt dezelfde trekking als de tafel hierboven. Geen enkel getal is een schatting.
De Paroli: vragen
Wat is het verschil tussen Paroli en martingale?
De martingale verdubbelt na verlies om bij te komen; de Paroli verdubbelt na winst om een reeks te benutten. De eerste wint vaak en riskeert veel; de tweede riskeert weinig en wint minder vaak.